VLK vraagt minister Monica De Coninck knelpunten rond werken na kanker op te lossen

12 september 2012

Wie na kanker opnieuw aan het werk gaat, loopt het risico om ontslagen te worden’. Dat is een van de opmerkelijke conclusies die de Vlaamse Liga tegen Kanker (VLK) trekt uit de vele reacties van (ex-)patiënten die ze kreeg op haar campagne ‘Werken na Kanker’. De VLK overhandigde minister van Werk Monica De Coninck vandaag een dossier op basis van die getuigenissen en vroeg om de knelpunten rond werken na kanker op te lossen. De minister engageerde zich om een rondetafelconferentie samen te roepen met alle betrokken instanties die voor een vlottere werkhervatting kunnen zorgen.

De Vlaamse Liga tegen Kanker lanceerde op 24 augustus een oproep om de problemen rond werkhervatting na kanker in kaart te brengen. Vandaag overhandigde VLK-voorzitter professor Jean-Jacques Cassiman een dossier met de conclusies aan minister van Werk Monica De Coninck. De VLK vraagt het engagement van de minister om deze problemen aan te pakken.

In de voorbije weken reageerden honderden mensen op de oproep van de VLK en legden met hun getuigenissen de knelpunten bloot. Ook al zijn er werkgevers die een inspanning leveren om de herintrede van kankerpatiënten op de werkvloer mogelijk te maken, toch zijn er ernstige problemen:

Een twintigtal getuigen meldt dat ze ontslagen zijn tijdens het ziekteverlof of kort na de werkhervatting. Wellicht zijn ontslagen te vermijden, als er inspanningen zouden gebeuren om het takenpakket aan te passen of de werknemer te begeleiden naar een andere job.
Verschillende werkgevers zijn niet bereid om de noodzakelijke aanpassingen te doen.  Zo zijn er werkgevers die niet willen dat hun werknemers deeltijds het werk hervatten. Werkgevers zijn niet altijd bereid om rekening te houden met de beperkingen die vaak het gevolg zijn van de behandeling (zoals vermoeidheid, een stoma of een dikke arm na een borstoperatie) en in functie daarvan het werk anders te organiseren en bepaalde aanpassingen aan het takenpakket of de werkpost te doen. Soms leidt de weigering van de werkgever er toe dat de werkhervatting mislukt. Deze vaststellingen bevestigen de resultaten van wetenschappelijk onderzoek waaruit blijkt dat een succesvolle werkhervatting sterk afhangt van de goodwill van de werkgever.
In de privésector bestaat een systeem van toegelaten arbeid, dat mensen die arbeidsongeschikt zijn toelaat het werk deeltijds te hervatten en toch een deel van de ziekte-uitkering te behouden. Voor ambtenaren bestaan vergelijkbare regelingen. Maar verschillende getuigen stellen vast dat het systeem tekort schiet:

- Het systeem  is te weinig flexibel. Sommige patiënten willen meer dan halftijds werken en de rest van de tijd in ziekteverlof blijven, maar sommige adviserend geneesheren staan dit niet toe.  Vanuit een voltijds uurrooster is het bovendien niet mogelijk om je uren geleidelijk af te bouwen: als voltijds werken te zwaar blijkt, kan je niet meer terug naar het systeem van de toegelaten arbeid.

- Het systeem is erg complex en patiënten hebben onvoldoende informatie over de gevolgen van toegelaten arbeid op hun sociale rechten. Bijvoorbeeld: als je je werk toch nog niet aankan en je moet terug naar volledige arbeidsongeschiktheid, hoe zit het dan met je ziekte-uitkering? Als je in het stelsel van toegelaten arbeid deeltijds werkt, moet je je uren dan presteren op vaste momenten of kan je daar flexibel mee omspringen en gaan werken op momenten dat je je goed voelt? Hoe worden je vakantiedagen berekend als je in het systeem van toegelaten arbeid stapt? Deze onduidelijkheid leidt ertoe dat mensen de stap niet durven zetten en vormt een inactiviteitsval.

Heel wat getuigen die na de kankerbehandeling werk gaan zoeken, hebben het gevoel dat hun verleden in hun nadeel speelt. Werkgevers koesteren allerlei vooroordelen. Ze zijn bang dat de sollicitant zal hervallen of vrezen dat hij regelmatig afwezig zal zijn.

Sommige mensen getuigen dat ze het gevoel hebben dat ze nergens nog terecht kunnen. Ze kunnen niet terecht op de arbeidsmarkt en de ziekteverzekering schuift hen door naar de werkloosheidsverzekering. Twee jongeren - die kanker overleefden en nog niet gewerkt hebben - getuigen dat ze door  gezondheidsproblemen niet terecht kunnen in de bestaande jobs.  De instellingen die er zijn om hulp te bieden, zoals de VDAB, hebben voor hen niet echt een oplossing klaar. Ze lopen verloren tussen verschillende instellingen en hebben het gevoel dat ze niet de kansen krijgen die ze verdienen.

De VLK vroeg minister Monica De Coninck om deze problemen aan te pakken en oplossingen te zoeken. Opnieuw aan het werk kunnen is voor de meeste kankerpatiënten zowel financieel als sociaal van levensbelang. De minister engageerde zich om een rondetafelconferentie samen te roepen met alle betrokken instanties die voor een vlottere werkhervatting kunnen zorgen.

Lees meer:

dossier werken na kanker

beleidswerk rond werken en kanker

Help mee

Doe een gift!