Veerle,

coördinator Jongerenwerking

‘Jongeren die kanker krijgen, staan net als hun leeftijdsgenoten aan het begin van hun volwassen leven. Ze staan op een kruispunt en zijn vaak zoekend op het vlak van relaties, studies, tewerkstelling. Ineens moeten ze nadenken over vragen als: wil ik later kinderen, kan ik de job uitoefenen waarvoor ik net gestudeerd heb, en waar haal ik een inkomen? Ze hebben nog weinig of geen houvast. Dat maakt hen zeer kwetsbaar.

Met de jongerenwerking richten we ons tot mensen tussen 17 en 35 jaar die kanker hebben of gehad hebben. In het ziekenhuis liggen ze vaak op afdelingen met oudere mensen, en ook in hun eigen kennissenkring komen ze weinig lotgenoten tegen. Daarom organiseren we ontmoetingsdagen en vakantieweken. Daar ontmoeten ze leeftijdsgenoten die aan een half woord genoeg hebben om te weten waar het om gaat en wat het verschil maakt. Ook een buddy kan helpen om opnieuw aansluiting te vinden bij het gewone leven. Daarnaast kunnen ze terecht op onze website kankercounteren.be, waar de beleving van jongeren met kanker centraal staat. We zijn niet alleen een aanspreekpunt en een bruggenbouwer op maat van de individuele jongere. We werken ook op beleidsniveau aan structurele oplossingen voor een aantal problemen waar jongeren met kanker mee geconfronteerd worden, zoals het recht op een inkomen en de leeftijdsspecifieke omkadering in ziekenhuizen.

Bij jonge mensen zit veel dynamiek, goesting en veerkracht. Die positieve drive werkt aanstekelijk. Toch zitten er scherpe randen aan. Toen ik pas begon bij Kom op tegen Kanker ontmoette ik op de vakantieweek een energieke jonge vrouw met een zeer positieve ingesteldheid. Niet veel later is zij gestorven. Die contradictie, waar je met veel ongeloof mee geconfronteerd wordt, bracht al meteen de realiteit binnen. Ik lig er soms van wakker, ja. Je zou meer willen veranderen, een grotere impact willen hebben op de situatie. Maar we beseffen nog te weinig waar de verademing zit, waar het kleine geluk het grote verschil kan maken. Ik belde vorige week met een jonge Afghaanse vluchtelinge die kanker heeft. Haar situatie is zeer schrijnend, ze heeft hier weinig of geen context. Als je zo iemand extra ondersteuning kan bieden, kan je echt iets betekenen. Het verzacht de scherpte van soms heel pijnlijke momenten.’