Het is de visie van Kom op tegen Kanker dat palliatieve zorg een basisrecht moet zijn voor al wie een levensbedreigende ziekte heeft, ongeacht de omgeving waar de patiënt zich bevindt. Iedere patiënt met palliatieve zorgnoden (fysieke, psychische, sociale en spirituele) moet de best mogelijke zorg krijgen die hij wenst, in overeenstemming met zijn of haar noden en behoeften en rekening houdend met het (informele) netwerk dat hem ondersteunt.
Daarom lanceert Kom op tegen Kanker een specifieke projectoproep rond ‘inclusieve palliatieve zorg’, met als doel een grootschalig project te financieren en daarmee samenwerking tussen verschillende instellingen en diverse partners te stimuleren.
Aanmelden voor deze oproep is momenteel niet meer mogelijk. Heb je nog vragen? Neem gerust contact met ons op via financiering@komoptegenkanker.be.
Palliatieve zorg kan betrekking hebben op het hele zorgtraject en wordt dus niet enkel toegepast bij het levenseinde (terminale zorg). Afhankelijk van de complexiteit van de zorgsituatie kan palliatieve zorg zowel aangeboden worden door zorg- en hulpverleners uit de eerste lijn zoals huisartsen, thuisverpleegkundigen, sociaal werkers… als door gespecialiseerde palliatieve zorgverleners zoals multidisciplinaire begeleidingsequipes (MBE’s) van palliatieve netwerken of palliatieve eenheden in ziekenhuizen.
Het palliatieve zorgaanbod is momenteel onvoldoende afgestemd op de noden van de kwetsbare en moeilijk bereikbare doelgroepen. Hierdoor kennen zij de palliatieve zorg onvoldoende goed of weten niet wat palliatieve zorg voor hen kan betekenen. Kom op tegen Kanker wil met deze oproep ervoor zorgen dat deze kwetsbare en moeilijk bereikbare doelgroepen passende palliatieve zorg krijgen. Dit houdt onder andere in dat de zorg rekening houdt met de wensen en voorkeuren van de patiënt, aangepast is aan de behoeften van de patiënt en ondersteuning biedt aan de patiënt en zijn naasten.
Iedere patiënt die baat heeft bij palliatieve zorgen, dus niet enkel kankerpatiënten, kan in dit project worden meegenomen.
- Het project brengt, binnen een aantal pilootregio’s, de palliatieve noden van (een) vooraf bepaalde kwetsbare en/of moeilijk bereikbare doelgroep(en) in kaart.
- Iedere pilootregio ontwikkelt, in co-creatie met de doelgroep, interventies om die doelgroep(en) de meest kwaliteitsvolle zorg te bieden.
- Het project doet een impactanalyse van de interventies.
- Het project verzamelt ervaringen en geleerde lessen en doet aanbevelingen voor toekomstige disseminatie en verduurzaming.
De indiener van het project kan een individuele organisatie of instelling zijn maar vertegenwoordigt wel een consortium dat bestaat uit alle relevante partners voor dit project waaronder zeker ook de vertegenwoordigers van kwetsbare of moeilijk bereikbare doelgroepen.
Al deze partijen zijn van in het begin, in co-creatie, actief bezig met het uitwerken van het projectvoorstel en de verdere opvolging. Alle partijen hebben een gelijkwaardige rol en hun input wordt, ongeacht hun expertise of achtergrond, als evenwaardig beschouwd. Dit weerspiegelt zich ook in het voorgestelde budget. De verschillende partijen engageren zich ook op papier voor de concrete taken die ze op zich nemen.
Het consortium zal het projectmanagement op zich nemen en erover waken dat de verschillende doelstellingen behaald worden. Zij zorgen ook voor de wetenschappelijke onderbouwing van het project.
Het consortium heeft in haar aanvraag ook het formele engagement van een aantal pilootregio’s () opgenomen die lokaal aan de slag willen gaan met passende palliatieve zorg. Uit de aanvraag blijkt duidelijk waarom het consortium het door haar aangegeven aantal pilootregio’s geschikt is voor het bereiken van de vooropgestelde doelstellingen van de oproep.
Elke pilootregio engageert zich om een eigen lokaal netwerk samen te stellen van zorg- en hulpverleners (Wijkgezondheidscentrum, CAW, diensten gezinszorg, thuisverpleging, Eerstelijnszone, palliatief netwerk, ziekenhuis,…) en andere actoren (bijv. buurtinitiatieven, vereniging waar armen het woord nemen, spirituele brugpersonen, …). Binnen dit lokaal netwerk wordt er een kerngroep gestart die een trekkende rol zal opnemen. De pilootregio zal volgende opdrachten uitvoeren:
- Op basis van (lokale) aantoonbare noden zal het netwerk kiezen tot welke kwetsbare of moeilijk bereikbare doelgroep(en) zij zich richt. Deze keuze gebeurt steeds bottom-up met alle actoren. In functie van de keuze van de doelgroep, kan de samenstelling van het netwerk nog veranderen.
- In een volgende fase bekijkt het netwerk, in co-creatie met de doelgroep, welke interventie(s) zij willen ontwikkelen om aan de noden van deze doelgroep tegemoet te komen. Bij het ontwikkelen van de interventie moet er ook voldoende aandacht gaan naar de rol van het (informele) netwerk. Vooraf aan het implementeren van de interventie, beschrijven zij ook duidelijk de determinanten en randvoorwaarden voor een succesvolle implementatie van deze interventies.
Het consortium zal iedere pilootregio ondersteunen bij de keuze van de doelgroep en het uitwerken van de lokale interventie (evidence based). Zij maakt ook een impactanalyse van de uitgevoerde interventies. Finaal brengt het consortium de ervaringen en gedeelde lessen, over de verschillende pilootregio’s heen, samen en doet aanbevelingen voor toekomstige disseminatie en verduurzaming.
Het consortium stelt ook een stuurgroep samen, bestaande uit verschillende stakeholders en experten, waaronder ten minste een vertegenwoordiging van de Vlaamse overheid, Kom op tegen Kanker, de onderzoekspartner en een afvaardiging uit de pilootregio’s. De stuurgroep zal tijdens haar bijeenkomsten kritisch reflecteren op het project en mee nadenken over het verdere verloop en een verduurzaming van de resultaten.
Aangezien het gaat om een complexe zorgcontext met verschillende oorzaken en gevolgen waarbij veel actoren lokaal betrokken zijn, kiezen we binnen deze oproep voor onderzoek dat in de verschillende pilootregio’s evidence based interventies gaat implementeren, deze gaat evalueren en wendbaar genoeg is om dit tijdens de duur van het project, aan te passen aan de omstandigheden en reacties van de doelgroep.
Het projectvoorstel moet in lijn zijn met de visie van de Vlaamse overheid die opgebouwd is rond vier pijlers:
- De palliatieve persoon staat steeds centraal
- Er wordt ingezet op toegankelijkheid en sensibilisering, zowel bij zorgverleners als bij het grote publiek
- Er is een tijdige detectie, zorgvuldige beoordeling en tijdige behandeling van de zorg- en ondersteuningsnoden van de palliatieve persoon
- Zorgcontinuïteit is belangrijk: reguliere zorg en palliatieve zorg vormen één geheel.
Deze oproep kadert binnen de bestaande financiering van Psychosociale projecten van Kom op tegen Kanker, maar volgens een afwijkende specifieke procedure:
- Er wordt onmiddellijk een volledig projectvoorstel ingediend bij de psychosociale commissies (bestaande uit een apart aanvraagformulier voor de patiëntencommissie en een voor de expertencommissie). Afhankelijk van de beoordelingen en feedback wordt beslist of dit project eventueel nog dient aangepast te worden tot een finaal voorstel. Hierna is er ruimte voor aanpassingen en kan de aanvrager het finale voorstel indienen.
- Budget en timing: Voor deze projectoproep is er geen vooraf vastgelegd budget of vaste looptijd bepaald. Het budget moet beargumenteerd worden in functie van de beoogde impact en aantal pilootregio’s. Indieners worden echter verzocht om bij hun voorstel een duidelijke raming van het benodigde budget en een realistische tijdsplanning op te nemen. De psychosociale expertencommissie zal zowel de financiële onderbouwing als de haalbaarheid van de voorgestelde timing grondig evalueren.
- Vanuit Kom op tegen Kanker streven we naar de financiering van 1 consortium, dat uit meerdere (sub)projecten/pilootregio’s kan bestaan die elk gelijkwaardige financiering kunnen ontvangen.
- Interesse om hieraan mee te werken of zelf een project in te dienen? Neem dan zeker contact op met financiering@komoptegenkanker.be ten laatste tegen 31/10/2025, zodat wij geïnteresseerden met elkaar in contact kunnen brengen en samenwerking kunnen stimuleren.
Voor meer info over de werking en beoordeling door de psychosociale commissie verwijzen we naar het huidige Reglement financiering psychosociale projecten van Kom op tegen Kanker. In 2026 volgt er een update van het reglement waaronder deze oproep zal vallen.
Veelgestelde vragen
- Wie kan er onderdeel uitmaken van het consortium? Zijn dit enkel Vlaamse (overkoepelende) instellingen?
Dit is geen voorwaarde. Iedere relevante organisatie, instelling of vereniging kan deel uitmaken van het consortium, de indiener (en dus projectverantwoordelijke) vertegenwoordigt dit consortium en bewaakt het projectmanagement. Belangrijk is dat alle deelnemers/partners zich engageren om de vooropgestelde doelstellingen van het project te behalen en hierin een actieve rol opnemen. Idealiter zit er in het consortium minstens één onderzoeksgroep die verantwoordelijk is voor de wetenschappelijke ondersteuning van het project. Ook een vertegenwoordiging van kwetsbare of moeilijk bereikbare doelgroep(en) wordt bij voorkeur van in het begin bij het project betrokken. Er zijn geen voorwaarden opgelegd om te kunnen zetelen in het consortium.
Het is aan het consortium om in de aanvraag de gekozen pilootregio’s te beschrijven, zij hebben het formele engagement van lokale actoren om in de pilootregio mee te stappen. Alle partners in het consortium nemen zelf een actieve rol op in één of meerdere van de pilootregio’s. Andere noodzakelijke stakeholders of partners (bijv. in het kader van verduurzaming) horen eerder bij de stuurgroep.
- Moet het consortium de doelgroep(en) van de pilootregio’s al op voorhand bepalen? Of wordt dit samen met de pilootregio’s gedaan?
De specifieke doelgroep(en) moeten nog niet op voorhand afgebakend worden. In de aanvraag moet echter wel beargumenteerd worden waarom er voor bepaalde pilootregio’s wordt gekozen en er dus de nood is om in die regio’s samen te werken rond dit project. De keuze van doelgroep(en) per pilootregio kan gebeuren in samenspraak met de lokale actoren zelf tijdens het project, zoals ook is beschreven in de oproep als één van de opdrachten per regio.
- Kan het consortium en/of de pilootregio doorheen het project nog nieuwe stakeholders betrekken? En zo ja, hoe kun je zoiets voorzien in je begroting?
Het is mogelijk dat er doorheen het project nog nieuwe stakeholders of organisaties aansluiten, wanneer blijkt dat de betrokkenheid een meerwaarde is of noodzakelijk is voor het behalen van de doelstellingen. Dit is echter eerder de uitzondering en we vragen om bij de aanvraag al zo volledig mogelijk te zijn, gezien het toegekend totaalbudget niet meer kan wijzigen na toekenning. Als hierover onzekerheid is, raden we aan om dit al in het budgetplan te voorzien met duidelijke argumentatie. Kom op tegen Kanker stelt zich steeds zo flexibel mogelijk op indien er tijdens het projectverloop tijdig en transparant aanvragen zijn voor verschuivingen van kosten binnen het toegekend totaalbudget.
- Hoe is de stuurgroep samengesteld?
Het is aan het consortium om de stuurgroep samen te stellen. De stuurgroep kan bestaan uit verschillende stakeholders en experten die niet zelf actief betrokken zijn, onder wie ten minste een vertegenwoordiging van de Vlaamse overheid, Kom op tegen Kanker en de betrokken onderzoeksgroep. De stuurgroep is eerder klein en heeft een duidelijke focus om tijdens bijeenkomsten kritisch te reflecteren op het projectverloop en mee na te denken over de verduurzaming van de resultaten.
- Is het bepalen van de doelgroepen beperkt tot patiënten met kanker of mag dit breder gaan?
Kom op tegen Kanker heeft als standpunt dat de focus moet liggen op kankerpatiënten, maar als er breder gekeken wordt en er ook andere patiënten betere palliatieve zorg kunnen krijgen door onze financiering is dat een goede zaak. Het is gekend dat de meerderheid van de palliatieve patiënten kankerpatiënten zijn, dus dat is voor projecten met als thema palliatieve zorg geen probleem.
- Kunnen lotgenotengroepen ook deel uitmaken van een pilootregio?
Lotgenotengroepen kunnen betrokken zijn in een pilootregio, bijv. voor het mee bepalen van de noden of als onderdeel van een bepaalde interventie. Het moet in de aanvraag duidelijk zijn waarom elke lokale actor betrokken is binnen een pilootregio en wat de concrete rol zal zijn.
- Hoe wordt een regio afgebakend?
Het is aan de indiener en het consortium om te argumenteren hoe de afbakening van een pilootregio er moet uitzien. Dat kan bepaald worden aan de hand van bestaande grenzen in het zorglandschap of door rekening te houden met toekomstige structuren. De grootte van de pilootregio’s moet wel behapbaar blijven voor het consortium en de wetenschappelijke ondersteuning.
- Kan de aanpak van de pilootregio’s onderling verschillen?
Afhankelijk van de context van de pilootregio en de doelgroep die wordt gekozen, kan het zijn dat de regio’s kiezen voor een andere aanpak. Het zou een meerwaarde kunnen zijn om dan ook verschillende manieren van aanpak te documenteren en evalueren. Het is aan het consortium om het projectmanagement en de bovenliggende doelstellingen te bewaken.
- Is het de bedoeling een spreiding te hebben qua pilootregio's, bijvoorbeeld stedelijke en landelijke context?
Zie ook bovenstaande vragen. Het is aan het consortium om te beargumenteren waarom voor bepaalde pilootregio’s wordt gekozen. Het zou een meerwaarde kunnen zijn als dit tot bijkomende inzichten kan leiden.
- Kunnen bestaande projecten of tools in de pilootregio’s meegenomen worden?
Wanneer blijkt dat er in een bepaalde pilootregio een nood is die kan beantwoord worden met een bestaande tool, dan kan deze ingezet en/of uitgetest worden. Het is niet de bedoeling om van een volledig wit blad te vertrekken als er reeds goede praktijkvoorbeelden zijn in binnen- of buitenland. Het is vooral belangrijk dat er per pilootregio een gedragen aanpak en interventie is die kan geëvalueerd worden.
- Wat wordt er precies verwacht tegen 31 oktober 2025?
Zowel individuele organisaties als bestaande of net samengestelde samenwerkingen kunnen hun interesse uiten. We vragen daarbij om kort de expertise of reden tot interesse voor te stellen en op welk niveau of binnen welke regio je actief bent.
- Hoe zien jullie matching tussen de geïnteresseerden voor dit project?
Kom op tegen Kanker zal na 31/10 zo snel mogelijk de geïnteresseerden met elkaar in contact brengen en mee bekijken op welke manier een samenwerking mogelijk is. Idealiter is er dan dus ook zicht op een mogelijke indiener en projectverantwoordelijke.
- Hoe lang loopt de financiering van het project?
Er wordt vooraf geen maximum in timing en budget bepaald (net zoals de doorlopende oproep voor psychosociale projecten bij Kom op tegen Kanker). Het is aan het consortium om een realistische tijdsplanning op te nemen die nodig is om alle doelstellingen te behalen. De psychosociale commissie zal de haalbaarheid hiervan evalueren.
- Moet elke partner binnen het project evenveel financiering krijgen?
Het betreft gelijkwaardige en daarom geen gelijke financiering. Niet elke partner moet dus hetzelfde budget toegekend krijgen uit het totaalbudget. Iedere partner zal een verschillende rol opnemen en andere expertise inbrengen die correct moet vergoed worden, ongeacht over welke expertise het gaat (bijv. professioneel of ervaringsdeskundigheid). In het reglement wordt weergegeven dat de hoofdverantwoordelijke van de aanvraag een (vertegenwoordiger van een) organisatie is met rechtspersoonlijkheid zonder een commercieel doel. Het is onze voorkeur dat die ook verantwoordelijk is voor het totaalbudget en dit verdeelt onder de betrokken partners en pilootregio’s, volgens het goedgekeurde financieel plan.